AskSander logo

15 augustus 2026 · 5 minuten

Wat kost een uitzendkracht in 2026? De omrekenfactor uitgelegd.

In het kort

De omrekenfactor is het getal waarmee het bruto uurloon wordt vermenigvuldigd om tot het uurtarief te komen. In 2026 ligt die bij uitzenden tussen 1,9 en 2,6 en bij detachering tussen 2,0 en 3,0. Iemand in eigen dienst kost ongeveer 1,30 keer het brutoloon.

Wat er in de factor zit

In de factor zitten de werkgeverskosten die het bureau draagt: vakantiegeld, vakantiedagen, feestdagen, kort verzuim, sociale premies, pensioen en administratie. Daar bovenop komt de marge van het bureau, doorgaans tien tot vijfentwintig procent van het uurtarief.

Een rekenvoorbeeld

Bij een bruto uurloon van € 16 en een factor van 2,2 betaal je € 35,20 per gewerkt uur, exclusief btw. Bij een factor van 2,5 is dat € 40. Op fulltime basis loopt dat verschil op tot duizenden euro's per jaar.

Het verschil met eigen personeel

Een medewerker in vaste dienst kost je ongeveer 130 tot 140 procent van het brutoloon. Het gat tussen die 1,30 en de factor van het bureau is wat je betaalt voor het overnemen van risico en voor het vinden van de kandidaat. Bij één kracht is dat te overzien. Bij drie krachten loopt het in een jaar op tot boven de honderdduizend euro.

Waar je op let

  • Vraag altijd om een uitsplitsing van de factor
  • Let op de fase waarin de kracht zit, want een hogere fase betekent meer risico en dus een hogere factor
  • Vraag wat er buiten de factor valt, zoals reiskosten, toeslagen en overwerk
  • Reken met het aantal gewerkte uren, niet met contracturen

Wanneer zelf werven goedkoper is

Zodra je dezelfde functie vaker nodig hebt, kantelt de rekensom. Een eenmalige investering in werving verdient zich terug zodra de eerste kracht in dienst is, terwijl een factor elke maand opnieuw geldt.

Weet je wat jouw openstaande functie kost.